Header background

5 Vragen over het Puberbrein

Mary Stottelaar

14 maart 2023

leestijd 5 minuten

Niels ter Huurne, Kinder- en jeugdpsychiater gepromoveerd in neurowetenschappen Werkt bij Pactum (pactum.org) met jongeren tussen de 12 en 18 jaar.

1. Wat is precies een puberbrein?

‘De puberteit is de overgang van de kindertijd naar de volwassenheid. In deze periode verandert er lichamelijk het een en ander en ook in de hersenen gebeurt iets. Bij kinderen zijn er heel veel verbindingen tussen hersencellen, wat hen enorm flexibel maakt. In de puberteit neemt het aantal verbindingen sterk af en daarmee de flexibiliteit. Aan de andere kant verstevigen de hersencelverbindingen zich en raken hersenhelften meer gespecialiseerd. Door dit proces kan een volwassene abstract denken en meer ingewikkelde taken uitvoeren. Het puberbrein zit in die overgangsfase. Ik vergelijk het wel eens met auto’s: als volwassene zit je in een Ferrari waarmee je gericht en snel ergens naar toe kan. Als puber heb je die Ferrari al ter beschikking, maar kunt deze nog niet besturen en kent alle regels nog niet.’ 

2. Hangt typisch pubergedrag samen met de hersenontwikkeling?

‘Zo strikt ligt dat niet. Niet alleen de hersenen van een puber zitten in een overgangsfase. Je hebt ook de hormonen die voor lichamelijke veranderingen zorgen. Er groeit schaamhaar, borsten groeien, de penis wordt groter en pubers worden zich meer bewust van hun eigen lichaam. Ook de seksualiteit ontwikkelt zich. En dan speelt ook de omgeving nog een rol: ouders, opa en oma, vrienden van broers en zussen, buren, trainers en leraren. Dat alles samen bepaalt het pubergedrag, het zijn echt niet alleen de veranderingen in de hersenen. 

Laten we zeggen dat pubergedrag bij de ontwikkeling hoort, maar dat je ze wel kunt aanspreken op hun gedrag.´

3. Hoe denken pubers?

‘Een puber stelt zichzelf centraal. Tegelijkertijd gaan pubers steeds belangrijker vinden wat anderen van hen denken. Ze ontwikkelen een zelfbeeld. Ze zijn impulsief en kunnen consequenties niet goed overzien. Ze realiseren zich meer en meer dat ze die Ferrari tot hun beschikking hebben, maar ze moeten er wel mee om leren gaan. Daar hoort experimenteren bij en het is logisch dat dat soms tot conflicten leidt. Ze zijn nog onvoldoende toegerust om zich aan de regels te houden en moeten leren ermee om te gaan. Maar dat wil niet zeggen dat je wel van ze mag verwachten dat ze zich aan de regels (leren) houden.’ 

4. Hoe ga je als opvoeder het best om met pubergedrag?

‘Geef duidelijk maar liefdevol grenzen aan. Doe dat ook vooral op een gelijkwaardiger niveau dan bij jonge kinderen. Geef uitleg bij de regels die je stelt: waarom vind jij het belangrijk en luister naar hun mening. Ga de discussie aan. Geen grenzen stellen en pubers maar hun gang laten gaan, werkt averechts. Aan de andere kant moet je als ouder je kind ook durven loslaten, hoe ingewikkeld dat soms ook is. Loslaten geeft vertrouwen. En geef pubers vooral ook complimenten voor de dingen die ze goed doen. Laat ze duidelijk voelen dat ze geliefd zijn, dat zorgt voor een veilige omgeving.‘

5. Is er een verschil tussen een meisjes- en jongensbrein?

‘Qua hersenontwikkeling nauwelijks. Het grootste verschil zit in de hormonale ontwikkeling en hoe we als maatschappij toch nog steeds verschillend tegen jongens en meisjes aankijken. Voor meiden begint de puberteit vaak wat eerder, omdat bij hen de hormonen eerder door het bloed gieren. Hierdoor verwachten we van hen ook dat ze eerder zelfstandig worden. Jongens worden vaak langer gepamperd en blijven (daardoor) ook langer thuiswonen.’

Meer tips om goed voor jezelf te zorgen?

Vul je e-mailadres in en ontvang van GZ-Plein inspiratie voor een gezond en fit leven.