Header background

Eet je anders als je hoogsensitief bent?


Eten in harmonie met jez
elf 

Diëtist Paulien Kruiper interviewt regelmatig mensen over eten en eetgewoonten. Deze keer sprak ze met Martine Jetten. Martine weet sinds een paar jaar dat ze hoogsensitief is: gevoelig voor prikkels van binnenuit (gevoelens en gedachten) en van buitenaf (geluiden, geuren, licht, vormen, smaken, et cetera). Heeft dit ook gevolgen voor de manier waarop ze met eten omgaat?

 

Wat heb ik nodig?

Martine vertelt: “Hoogsensitiviteit gaat voor mij over afstemmen. Afstemmen op mezelf, dus: wat heb ik nu nodig, waar heb ik nu behoefte aan? Maar ook afstemmen op anderen en de wereld. Ik probeer te eten wat goed is voor de wereld. Daarom eet ik weinig vlees en probeer ik te kiezen voor pure en biologische producten. Aan de ene kant voelt dit voor mij heel natuurlijk. Maar in de dagelijkse praktijk is het niet altijd makkelijk. Zo vind ik biologisch vlees erg duur. Chips is ook een lastige, ik vind dat heel lekker en kan daar ook zeker van genieten. Maar als ik er te veel van eet, voel ik me toch schuldig.” Dat schuldgevoel, dat je het nooit goed genoeg kunt doen, ligt al snel op de loer. Ook hier speelt hoogsensitiviteit een rol: het betekent dat je gevoelig bent voor je eigen oordelen en gedachten.

 

Ieders wensen

Het afstemmen op anderen komt vooral naar voren in haar gezin. Martine is getrouwd en heeft twee volwassen zonen die door omstandigheden beiden weer thuis wonen. Ze vindt het belangrijk dat de wensen van iedereen aan tafel gezien worden. En dat wringt soms met haar eigen wensen. “Neem vlees bijvoorbeeld. Ik eet dat zoals gezegd zelf zo min mogelijk en als ik het eet, is het bij voorkeur biologisch. Mijn zonen willen eigenlijk altijd vlees eten. Mijn man zit ertussenin: hij eet graag vegetarisch, maar hij zal zelf niet snel biologisch vlees kopen. Ik probeer daar dan zo goed mogelijk een mouw aan te passen, door zelf een kleine portie te nemen of geen vlees.” Samen eten is ook een sociaal moment en vindt ze daarom heel belangrijk. Als ze alleen met haar man eet, geniet ze ervan om echt lekker rustig te eten, en wat later dan anders. Ze maken dan vaak iets creatiefs van allerlei kliekjes uit de koelkast. Omdat dit zo intuïtief gebeurt, geeft het Martine een goed gevoel.

Vissticks in limonadesiroop

En dat brengt ons op een ander aspect dat voor Martine belangrijk is: creativiteit. “Ik vind het inspirerend om mijn creativiteit te gebruiken bij het koken en eten, en niet alleen te koken op de automatische piloot. Het is leuk om met een recept te koken om jezelf op nieuwe ideeën te brengen, maar ik geef er toch vaak weer mijn eigen draai aan. Creativiteit gaat ook over hoe het eruitziet: welke kleur paprika staat mooi en kies ik voor kleine of grote tomaten? Ik vind het belangrijk dat onze kinderen ook hun eigen weg vinden qua eten. Toen ze nog klein waren, lieten we ze rustig experimenteren in de keuken. Eén keer wilde onze zoon Florian vissticks bakken in limonadesiroop. Je kunt dan zeggen dat dat raar is of niet mag, maar laat hem zelf maar ontdekken hoe het smaakt. Het was trouwens nog best lekker ook!”

 

Gevoel van overvloed

Martine is opgegroeid met een zus en een broer in een traditioneel gezin. Ondanks dat haar vader opgeleid was aan de hogere hotelschool, kookte hij nooit. Geld was geen vanzelfsprekendheid, maar haar moeder besteedde altijd veel aandacht aan het eten. Ze kookte verschillende soorten groente en zorgde ervoor dat het eten er mooi uitzag. Dat gaf Martine een gevoel van overvloed. Een minder prettige herinnering is dat ze zich vaak opgejaagd voelde tijdens het eten. “Blijkbaar at ik langzamer en met meer aandacht dan de rest. Ik was vaak nog maar halverwege mijn bord, als mijn vader me vroeg of ik nog een tweede portie wilde. Maar hoe kon ik dat weten, ik had mijn eerste toch nog niet op! Daar werd ik dan boos over.” Door dit soort dingen voelde Martine zich als kind al anders dan de rest van het gezin.

 

Kanarie in de kolenmijn

Pas toen Martine in haar werk vast begon te lopen, werd langzamerhand duidelijk dat er een naam bestond voor het ‘anders zijn’ dat ze al zo lang voelde: hoogsensitief. Een leidinggevende zei tegen haar: “Jij bent de kanarie in de kolenmijn”, waarmee hij bedoelde dat zij degene was die het aanvoelde als er dingen in de onderstroom van de organisatie niet lekker liepen. Vanaf dat moment leerde Martine om meer te luisteren naar haar eigen behoeftes, onder meer over eten. Een klein jaar geleden ging Martine te rade bij een mesoloog, die haar adviseerde eens een poos geen gluten te eten. Hij vertelde dat het hoge groeitempo dat tarwe tegenwoordig heeft, niet goed is voor de aarde en ook niet voor de verteringsmogelijkheden van ons lichaam. Het heeft Martine nog beter leren voelen wat eten met haar doet.  

Luisteren naar je lichaam

Martine wil anderen die vanuit hun hoogsensitiviteit worstelen met eten, graag een advies meegeven: “Zorgvuldig omgaan met eten is heel belangrijk, juist als je hoogsensitief bent. Luister naar je lichaam en focus op waar je op dat moment echt behoefte aan hebt. Geniet van het proces, in plaats van dat het resultaat bij voorbaat al vaststaat. En heb plezier in het ontwikkelen van al die verschillende kanten in jezelf. Het belangrijkste voor mijzelf als het over eten gaat, is dat ik niet dingen vermijd of juist moet doen vanuit angst of schuldgevoel. Ik eet zoveel mogelijk vanuit vertrouwen op mijn lichaam en gevoel. Dat geeft mij voldoening en geluk.”

Bron

Interview (cliënt)fier coaching
Meer tips om goed voor je zelf te zorgen?

Vul je e-mailadres in en ontvang van GZ-Plein inspiratie voor een gezond en fit leven.

Overige artikelen

Vijf gezonde vervangers voor ongezonde ingrediënten

Tien gouden regels voor gezonder eten

Hoe lukt het om je leefstijl (blijvend) te veranderen?